Br E52

De bouwserie E52 is een elektrische locomotief die begin jaren 1920 gebouwd werd door WASSEG en Maffei in opdracht van de Deutsche Reichsbahn Gruppenverwaltung Bayern.
De oorspronkelijk als Bayerische EP5 ingedeelde locomotief, werd ingezet voor het zware personenvervoer op de nieuwe ge-ëlectrificeerde hoofdtrajecten in Beieren.
Met zijn gewicht van 140 ton was de E52 de zwaarste elektrische locomotief ooit die in Duitsland gereden heeft.

Het eerste inkoopprogramma voor nieuwe locomotieven, opgezet door de Beierse groepsadministratie van de Deutsche Reichsbahn, omvatte plannen voor een elektrische locomotief voor zware passagiers en goederentreinen op geëlektrificeerde lijnen in Beieren .
Uit de vele ontwerpen die naar voren werden gebracht, werd gekozen voor een 2’BB2′-locomotief, die zou worden uitgerust met dezelfde motoren als een andere elektrische locomotief in het programma, de DRG-serie E91.
Dit nieuwe ontwerp betrof het bouwen van elektrische locomotieven met een langzaam lopende grote motor en voor vier kleinere elektromotoren .
De aandrijving was verdeeld in twee groepen binnen een enkel frame.
Elke groep had twee motoren, die een gemeenschappelijke secundaire as aandreven met behulp van tandwielen.
De tussen as dreef via schuine aandrijfstangen een blinde as aan die met koppelstangen aan twee aandrijfassen was gekoppeld.
Om ervoor te zorgen dat de toegestane aslast niet werd overschreden, kregen de locomotieven een voor- en naloopdraaistel.
Op het frame werd de locomotiefbehuizing met aan beide zijde een cabine gebouwd.
De locomotieven werden vervaardigd door Maffei en de elektrische apparatuur door WASSEG, een joint venture van AEG en SSW .
De Gruppenverwaltung Bayern van de Deutsche Reichsbahn bestelde 35 locomotieven.
In 1924 en 1925 werden de locomotieven geleverd als Bayerische EP5 en kregen de bedrijfsnummers 21 501 t/m 21 535.
In 1927 werden de locomotieven heringedeeld als bouwserie E52 bij de Deutsche Reichsbahn (DR) en kregen de bedrijfsnummers E52 01 t/m E52 35 toegewezen.

De locomotieven werden ingezet voor het zware personen en goederenvervoer op de hoofdtrajecten in Beieren.
De locomotieven waren uitsluitend bedoeld voor de zware personen en goederendiensten in Beieren en waren allemaal ingedeeld bij Beierse depots.
De topsnelheid van de E52 was 90 Km/u, maar werd door de wat steilere trajecten en met deze snelheid mindere loopeigenschappen vaak niet gehaald.
De locomotieven bleven hun gehele dienst altijd in de deelstaat Beieren actief.

In en na de tweede wereldoorlog werden de E52 02, 31 en 35 door oorlogsschade buiten dienst gesteld.
De DB nam de rest van de locomotieven over, maar tegen 1950 werden ook de nummers E52 01, 29 en 32 buiten dienst gesteld.
De overige 29 machines kregen in 1968 de aanduiding baureihe 152.
In februari 1973 werd de laatste locomotief van deze baureihe, nummer 152 014, uit dienst genomen.
De Beierse EP 5 was de zwaarste elektrische locomotief die ooit in Duitsland heeft gereden, niet de DRG-baureihe E95 zoals vaak wordt beweerd.
Van de 35 gebouwde locomotieven van de baureihe E52 is er slechts één bewaard gebleven.
De E52.34 staat in in het Neurenberg Transport Museum in de kleurstelling van het Beierse EP 5 21 534 en is niet-operationeel, .

Technische specificaties:

Baureihe: E52.
Indienststelling: 1924
As-indeling: 2’BB2′
Gewicht: 140,0T
Lengte: 17,21 M.
Snelheid: 90 KM
Vermogen: 2200 KW

Model: Trix 33661, Roco 51323